Fossielen

Werkstukken en spreekbeurten

Fossielen zijn oude resten van dieren of planten in steen. Weet je dat fossielen wel miljarden jaren oud kunnen zijn?

Wat zijn fossielen?

Fossielen zijn versteende dieren of planten. Soms vinden we hele skeletten terug. Maar het kunnen ook sporen van dieren of planten zijn, zoals pootafdrukken, eieren, drollen en schelpen. De overblijfselen zijn na al die jaren versteend of in steen bewaard gebleven.

Ontstaan

Dode dieren en planten veranderen niet zomaar in een fossiel. Ze kunnen alleen verstenen als ze direct door een dikke laag slib, zand of klei worden bedekt. Die laag zorgt ervoor dat:

- de dode dieren of planten niet worden opgegeten. Want door de laag kunnen andere dieren er niet bij.

- de dode dieren of planten niet verrotten. Het zand, klei of slib dekt het dier of de plant luchtdicht af. Daardoor komt er geen zuurstof bij. Zonder zuurstof kan iets niet rotten.

Veel fossielen ontstonden op de bodem van de zee. Zo zijn er dinosauriërs gevonden op plekken waar miljarden jaren geleden nog zee was. De dieren gingen dood en kwamen op de bodem van de zee terecht. Daar werden ze snel bedekt met slib en zand. Er kwam steeds meer slib en zand op te liggen. Door het gewicht van al die lagen veranderden ze uiteindelijk in steen. Dat duurde wel tienduizenden jaren. Toen de zeeën opdroogden, kwamen de lagen met gesteenten boven water en konden mensen de fossielen vinden.

Onderzoek

Paleontologen zijn wetenschappers die fossielen bestuderen. Dat is nuttig, want zo komen we heel veel te weten over de geschiedenis van de aarde en de dieren die er leefden. Paleontologen hebben zelfs fossielen gevonden van dieren die nu niet eens meer bestaan, zoals dinosauriërs. Of van kleinere dieren, zoals de ammoniet. Dat is een soort inktvis die nu niet meer leeft.