Planeten

Werkstukken en spreekbeurten

In ons zonnestelsel draaien alle planeten om de zon. Weet jij hoeveel planeten er in ons zonnestelsel zijn? Let op, er is een instinker...

Zwervers in de ruimte

Het woord planeet komt uit het Grieks en betekent zwerver. Planeten worden zo genoemd omdat ze rondzwerven in de ruimte. Maar niet zomaar in het wilde weg: ze draaien in een vaste baan om een ster. In ons zonnestelsel draaien de planeten om de zon. De zon is ook een ster. Ook draaien ze allemaal om hun eigen as. De meeste planeten hebben één of meer manen. De aarde heeft er maar eentje, die we gewoon 'de maan' noemen. Planeten geven zelf geen licht. Ze kaatsen het licht van de ster terug.

Planeten

Het meest dichtbij de zon staan de planeten Mercurius, Venus, Aarde en Mars. Ze zijn allemaal klein en bestaan uit ijzer en gesteente. Verder van de zon staan Jupiter, Saturnus, Uranus en Neptunus. Zij bestaan voor het grootste deel uit gas. Nog verder staat Pluto. Dat is een kleine en rotsachtige planeet. Alhoewel, planeet? Vroeger wel, maar in 2006 hebben wetenschappers besloten dat Pluto niet meer bij de echte planeten hoort, maar een dwergplaneet is. Mercurius, Venus, Mars, Jupiter en Saturnus zijn het langst bekend bij wetenschappers, omdat je ze soms met het blote oog kunt zien. Uranus en Neptunus zijn pas na 1780 ontdekt, toen de telescopen uitgevonden werden.

Dwergplaneten

Er zijn nog veel meer planeten én dwergplaneten in het heelal. In 2005 werd Eris ontdekt. Planeten hebben hun baan om de zon schoongeveegd: in hun baan bewegen geen andere objecten. Omdat dit bij Eris niet zo is, valt hij onder de dwergplaneten, net zoals Pluto. Een ander voorbeeld van een dwergplaneet is Ceres. Dit zijn de bekendste drie dwergplaneten van ons zonnestelsel, maar er zijn er nog veel meer en er zullen in de toekomst ongetwijfeld nog meer ontdekt worden.