Weer

Werkstukken en spreekbeurten

Nederlanders klagen best vaak over het weer. Je bent vast weleens kletsnat geregend toen je naar school fietste. Hoe weet je of je maar beter je regenpak aan kunt trekken?

Luchtdruk

Water, lucht en warmte veroorzaken het weer. Lucht wordt verwarmd door de zon, stijgt op en stroomt weg. Als er veel lucht opstijgt, ontstaat er een lagedrukgebied. Dit heet ook wel een depressie. Als er een depressie bij Nederland ligt, regent het en waait het. Soms is er veel lucht op een bepaalde plek. Dit is een hogedrukgebied. Het is dan mooi weer.

Wolken, regen en sneeuw

Met opstijgende lucht gaan fijne druppeltjes water mee naar boven. Deze waterdamp koelt af. Er ontstaan grotere druppeltjes die samen wolken vormen. Als de druppels nog groter en zwaarder worden, komt er regen. Er zijn grote en kleine wolken en ze kunnen verschillende vormen hebben. Regen kan ook verschillend zijn. Motregen bestaat uit fijne waterdruppeltjes. Als het kort regent, spreken we van een bui. Sneeuw ontstaat in koude wolken. Het zijn ijskristallen die tijdens hun val in vlokken veranderen.

Het weer voorspellen

In Nederland is het weer erg wisselvallig. Het ene moment schijnt de zon, het andere moment regent het. We hebben iedere dag met het weer te maken. We willen graag weten wat voor weer het wordt. Een meteoroloog bestudeert het weer. Hij bekijkt hoe de luchtstromen lopen en hoe vochtig het overal is. Ook meet hij de temperatuur op verschillende plekken. Hij doet dit met behulp van bijvoorbeeld satellieten, met helium gevulde weerbalonnen, barometers en regenmeters. En dan kan hij met behulp van een computer een weersverwachting maken. Door goed naar de lucht en de natuur te kijken, kun je zelf ook veel over het weer te weten komen.