Gebit

Werkstukken en spreekbeurten

Je hebt vast al een paar tanden en kiezen gewisseld. Je krijgt nu je blijvende gebit. Uit hoeveel tanden en kiezen bestaat dat, denk je?

Melkgebit en blijvend gebit

Als je geboren wordt, heb je nog geen tanden. Als een baby ongeveer 6 maanden oud is, komen de eerste tandjes door. Hij kan daar veel pijn van hebben. Het melkgebit bestaat uit 12 kleine tandjes en 8 kiezen. De kaak van een kind groeit en het gebit wordt te klein. Als je ongeveer 6 jaar bent, vallen de eerste melktanden eruit. Er komen blijvende tanden voor in de plaats. Als je ongeveer 13 jaar bent, zijn ook de kiezen gewisseld. Je hebt dan 8 snijtanden, 4 hoektanden, 8 voorkiezen en 8 kiezen. Als je volwassen bent, krijg je vaak nog 4 verstandskiezen, maar dat gebeurt niet altijd.

Tanden en kiezen

Je ziet maar een klein deel van een tand of kies. Dit deel heet de kroon. Het grootste deel is de wortel, die in de kaak zit. Het stukje waar de kroon overgaat in de wortel heet de tandhals. Het binnenste deel van een tand of kies bestaat uit tandbeen. Dat is een beetje zacht bot, waarin de zenuwholte zit. In de zenuwholte zitten zenuwen en bloedvaten. De buitenste laag van een tand of kies bestaat uit heel hard glazuur. Hierdoor kun je bijten en kauwen. En goed kauwen is belangrijk voor een goede spijsvertering. De kaak bestaat uit kaakbeen met daarover het tandvlees.

Gebitsverzorging

Als een haai een tand verliest, krijgt hij vanzelf weer een nieuwe. Maar als bij een mens een tand kapotgaat, wordt hij niet weer heel. Daarom is het belangrijk om goed voor je gebit te zorgen. In je mond zitten veel bacteriën die dol zijn op zoetigheid. Maar zij maken een zure stof waardoor gaatjes in het glazuur ontstaan. Als je goed poetst, voorkom je dat er te veel van deze bacteriën in je mond zitten. Fluor in tandpasta maakt het glazuur harder en zorgt dat het minder zuur is in je mond. Hierdoor krijg je minder gaatjes. Het is belangrijk dat je regelmatig naar de tandarts gaat, zodat hij de gaatjes op tijd kan vullen.