Kwallen

Werkstukken en spreekbeurten

De meeste kwallen wil je niet aanraken, want ze kunnen lelijk steken. Maar weet je dat er ook hele mooie kwallen bestaan?

Stekende tentakels

Kwallen bijten niet, maar ze steken. Dit doen ze met hun tentakels. Op de tentakels zitten netelcellen waar gif uitkomt als de kwallen prikken. Zo kunnen ze bijvoorbeeld vissen en andere kwallen verdoven en opeten. Kwallen eten naast vissen en andere kwallen ook plankton (piepkleine plantjes en diertjes die in het water zweven of drijven).

Puddingvis?

De tentakels zitten aan het bovenlijf van kwallen vast. Het bovenlijf lijkt net een hoedje. Deze kunnen ze open en dicht bewegen en zo zwemmen ze. Het hoedje lijkt een beetje op een pudding. In het Engels heet de kwal dan ook een jellyfish (jelly = pudding en fish = vis). Toch zijn kwallen géén vissen, want ze hebben geen ruggengraat of andere botjes: ze zijn ongewerveld. Er zijn veel verschillende soorten kwallen. Van enkele millimeters klein tot wel enkele meters groot. Op de stranden van de Noordzee kun je bijvoorbeeld de kompaskwal, de zeepaddenstoel en de oorkwal tegenkomen. Die laatste herken je aan vier roze ringen onder zijn hoed.