Paddenstoelen

Werkstukken en spreekbeurten

Paddenstoelen zijn schimmels. Dat klinkt saai, maar wist je dat schimmels in allerlei kleuren en vormen bestaan? Denk maar eens aan de mooie knalrode paddenstoel met witte stippen! Geen lelijke schimmel, toch?

Schimmels

Een paddenstoel is een soort schimmel. De paddenstoel die je boven de grond ziet, is eigenlijk maar een klein stukje van de schimmel. De rest van de schimmel, de schimmeldraden, zitten verborgen onder de grond of in het hout. Paddenstoelen groeien op dode takken en bladeren, in de grond of op dood hout. En ze groeien ook op bomen die bezig zijn dood te gaan. Als je dus een paddenstoel op een boom ziet, dan weet je dat die boom ziek is.

Hoed en rand

Een paddenstoel kan bestaan uit: een hoed, een steel, een ring (net onder de hoed) en een beurs (een soort buidel onderaan). Niet alle paddenstoelen hebben al deze onderdelen. Zo heeft een elfenbankje bijvoorbeeld geen steel of beurs. Aan de onderkant van de hoed zitten de plaatjes waar de sporen in zitten. De sporen zijn de zaadjes van de paddenstoel. De hoed beschermt de plaatjes en de sporen tegen regen en wind. Als de paddenstoel rijp is, barst de hoed open en verspreiden de sporen zich. Een jaar later groeien er op die plek dan weer nieuwe paddenstoelen.

Heksenkring

Soms zie je in het bos of in het gras een kring van kleine paddenstoelen. Dat noem je een heksenkring. Vroeger dacht men dat die kring gemaakt was door vreemde wezens of heksen, vandaar de naam. Nu weet men wel beter: een heksenkring is ontstaan vanuit één paddenstoel die zich uitgezaaid heeft. Heksenkringen ontstaan alleen bij bepaalde soorten paddenstoelen.