Teken

Werkstukken en spreekbeurten

Een teek is een klein, spinachtig beestje. Als je gebeten wordt door een teek, kun je ziek worden. Best een griezelig idee, vind je niet?

Uiterlijk en leefomgeving

Een teek lijkt op een spinnetje. Hij kan niet vliegen en ook niet springen. Teken komen in het hele land voor. Je vindt ze in bossen, duinen, heide, weilanden, parken en tuinen. Ze leven in hoog gras en tussen kreupelhout en de bladeren van struiken.

Parasiet

Bij zo’n klein kriebelbeestje denk je aan een insect. Toch is de teek geen insect. De teek is familie van de spinachtigen. Een teek heeft namelijk acht poten, en insecten hebben er maar zes. Net als sommige insecten en andere spinachtigen is de teek een parasiet. Het voedsel van teken is bloed van dieren en soms van mensen. Ze bijten zich vast in de huid en zuigen bloed op. Eerst zijn ze zo klein als een speldenknopje, maar als ze zich volzuigen kunnen ze wel groter dan een centimeter worden. Dieren waar teken graag op zitten, zijn bijvoorbeeld honden, katten, schapen, koeien, paarden, herten, eekhoorns en muizen. Ook mensen kunnen gebeten worden door een teek. Meestal doet dat geen pijn en daarom merk je vaak niet eens dat er een teek in je huid zit. Vaak zie je hem pas als hij zijn buikje heeft gevuld en groter is geworden. Soms zit hij er dan al dagenlang. 

Ziekte van Lyme

Als een teek vol zit, laat hij zich vanzelf van de huid af vallen. Toch is het belangrijk dat je een teek meteen verwijdert als je ’m ziet. Dat doe je met een speciaal tangetje of een pincet. Een teek kan een mens of dier namelijk ziek maken. Een vrouwtjes-teek kan besmet zijn met de Borrelia bacterie. Daarmee kan de teek de ziekte van Lyme (spreek uit als: lijm) overdragen. En dat is een behoorlijk vervelende ziekte. Je kunt dan last krijgen van je spieren en gewrichten, je zenuwstelsel, je hersenen, je hart, je huid of je ogen. Hoe langer zo’n teek in je huid zit, des te meer kans er is op besmetting. Ook je huisdier kan deze ziekte krijgen. Dus zie je een teek? Pak ’m beet!