Germanen

Werkstukken en spreekbeurten

Germanen is een verzamelnaam voor verschillende volken en stammen. Raad eens wie afstammelingen zijn van de Germanen?

Afstammelingen

Wist jij dat Nederlanders afstammelingen zijn van de Germanen? Ook de Friezen, Bataven en Cananefaten waren afstammelingen van de Germanen. Tweeduizend jaar geleden woonde het volk van de Germanen al in Noord-Europa. Ook in het gebied dat nu Nederland is. Germanen waren ruige mannen die alles zelf deden. Het waren ook de Germanen die de Romeinen voorgoed uit ons land verdreven.

Taal en boerderijen

Alle volken en stammen die onder de Germanen vielen, spraken de Germaanse taal. Wij noemen nu nog steeds het Fries en het Nederlands Germaanse talen. De Germanen woonden in houten boerderijen. Ze verbouwden producten als koolraap, granen en groenten. Van het graan maakten ze zelfs eigen bier. Dit was een belangrijk drankje voor de Germanen.

Familiegevoel

Voor de Germanen was familie erg belangrijk. Broers, zussen, neven, nichten, ooms en tantes woonden vaak bij elkaar in één huis. Verschillende familiegroepen leefden ook weer bij elkaar in een dorp. De vrouw was in huis de baas, de man buitenshuis. Omdat in de tijd van de Germanen hygiëne en de medische kennis nog niet al te best was, overleden kinderen vaak al tijdens de geboorte of op heel jonge leeftijd.

Leven na de dood

Weet jij wat het Walhalla is? Dat is een soort paradijs, te vergelijken met de hemel. De Germanen geloofden sterk in een leven na de dood. Wie als dappere krijger sneuvelde, mocht volgens het geloof van de Germanen naar het Walhalla. De god Wodan was de schepper van deze hemel. De Germanen geloofden niet alleen in Wodan, maar ook in andere goden en godinnen. Wodan was wel de belangrijkste god.