Kerst

Werkstukken en spreekbeurten

Met Kerstmis vieren christenen de geboorte van Jezus. In sommige kerken en steden worden in december grote kerststallen gebouwd. Heb jij er weleens een gezien?

Het kerstverhaal

Het kerstverhaal staat opgeschreven in de Bijbel. Jozef en Maria wonen in Nazareth. Ze wonen nog niet samen, maar willen graag met elkaar trouwen. Op een dag vertelt engel Gabriël aan Maria dat ze in verwachting zal raken van de zoon van God. Jozef en Maria kunnen dat haast niet geloven, maar toch krijgt Maria een dikke buik. Als de baby bijna komt, moeten ze naar hun geboortestad Bethlehem reizen om zich in te schrijven, omdat de keizer het volk wil tellen. Na een lange reis op een ezel willen ze uitrusten. Maar er is geen slaapplaats meer in de herberg. Er is alleen nog een plekje vrij in een stal. Daar wordt baby Jezus geboren. Maria wikkelt hem in doeken en legt hem in een voerbak met stro. In de buurt van de stal houden herders de wacht bij hun schapen. Engelen vertellen hun dat er een heel bijzonder kind is geboren. Zij bezoeken Jozef, Maria en Jezus. Er komen ook drie koningen. Zij worden ook wel de ‘wijzen uit het oosten’ genoemd. Een opvallende ster wijst hun de weg naar de stal. Zo weten zij dat de ‘echte Koning van de Joden’ geboren is. 

Advent

De tijd voor Kerstmis heet advent. Dit betekent: nadering (komst). Christenen wachten dan op de geboorte van Jezus. Advent begint op de vierde zondag voor Kerstmis. Kinderen krijgen vaak een adventskalender met een chocolaatje erin voor iedere dag. Zo kunnen ze de dagen tot Kerstmis aftellen. In kerken wordt een adventskrans opgehangen met vier kaarsen. Elke zondag wordt er een extra kaars aangestoken. Op 25 december branden ze alle vier en is het feest. Dan is het eerste kerstdag.

Oh sparrenboom?

We zingen: oh dennenboom. Maar de kerstboom die we in huis halen, is eigenlijk een sparrenboom. De Germanen vierden vroeger midwinter- of joelfeesten rond de tijd dat wij nu Kerstmis vieren. Zij haalden dan een versierde boom in huis. Omdat zij niet christelijk waren, noemde de kerk dit een ‘heidens gebruik’. Pas veel later verklaarde Maarten Luther dit tot een symbool van de geboorte van Jezus. En zo werd een boom in de kerk en in huis een kerstgebruik.

Kerstman

‘Ho ho ho’, het is de kerstman! Ieder jaar komt hij met zijn vliegende slee en rendieren vanaf de Noordpool cadeautjes brengen. De kerstman komt natuurlijk niet voor in de Bijbel. Hij is later bij het kerstfeest bedacht, omdat mensen elkaar vaak cadeautjes geven met Kerstmis.