Molens

Werkstukken en spreekbeurten

Een molen is een werktuig. Je kunt er verschillende dingen mee doen, zoals graan malen, hout zagen en water omhoog pompen. Wist je dat er heel veel soorten molens zijn?

De windmolen

Door de uitvinding van de windmolen hoefden de mensen niet meer met de hand te malen. Behalve als het windstil was. Als het wel waaide, haalden ze de verloren tijd weer in, ook ’s nachts. Toen de stoommachine werd uitgevonden, gingen de mensen die gebruiken, want een stoommachine werkt altijd! Later kwam daar de elektriciteit voor in de plaats. Het werk werd overgenomen door machines.

Veel molens werken nog wel en zijn vaak ook te bezoeken.

Soorten molens

Er zijn allerlei soorten molens. Je kunt ze op verschillende manieren indelen.

Wat laat de molen bewegen:

  • Handmolen: mensen malen met de hand bijvoorbeeld graan of koffie.
  • Rosmolen: een paard (ros) brengt de molen in beweging.
  • Watermolen: stromend water in een beek of rivier laat het waterrad draaien.
  • Windmolen: de wind laat de wieken ronddraaien.

Wat is de functie van de molen:

  • Houtzaagmolen: zaagt boomstammen tot planken.
  • Korenmolen: maalt graankorrels tot meel.
  • Papiermolen: wrijft oude witte kleren tot papierpulp.
  • Pelmolen: pelt of wrijft het schilletje (kaf) van de gerst af.
  • Poldermolen: schept water van laag naar hoog. Dit heet gek genoeg ook malen of een gemaal.

Dit zijn maar een paar voorbeelden. Molens produceerden vanalles.

Hoe is de molen gebouwd:

  • Bovenkruier: de molenaar draait alleen de kap met het wiekenkruis naar de goede windrichting.
  • Grondzeiler: een molen met grond erom vanwaar de molenaar de wieken bijstelt.
  • Stellingmolen: hoge molen met een soort balkon, dat stelling heet. De molenaar staat op de stelling als hij de wieken bijstelt, daarom heet het balkon zo (en de molen ook).

Dit zijn drie manieren van bouwen, maar er zijn er nog meer.